Index - 5e woensdag - 6e woensdag - Terug naar beginpagina


5e vrijdag

Lezing uit het boek der Schepping (22:1-18)

Hierna gebeurde het, dat God Abraham op de proef stelde. Hij zeide tot hem: Abraham, en deze zeide: Hier ben ik. En Hij zeide: Neem toch uw zoon, uw enige, die gij liefhebt, Isaäk, en ga naar het land Moria, en offer hem daar tot een brandoffer op een der bergen, die Ik u noemen zal. Toen stond Abraham des morgens vroeg op, zadelde zijn ezel, en nam twee van zijn knechten met zich, benevens zijn zoon Isaäk; hij kloofde hout voor een brandoffer, begaf zich op weg en ging naar de plaats, die God hem genoemd had. Toen Abraham op de derde dag zijn ogen opsloeg, zag hij die plaats in de verte. En Abraham zeide tot zijn knechten: Blijft gij hier met de ezel, terwijl ik en de jongen daarginds heengaan; wanneer we hebben aangebeden, zullen wij tot u terugkeren. Toen nam Abraham het hout voor het brandoffer, legde het op zijn zoon Isaäk, en nam vuur en een mes met zich mede. Zo gingen die beiden tezamen. Toen sprak Isaäk tot zijn vader Abraham en zeide: Mijn vader, en deze zeide: Hier ben ik, mijn zoon. En hij zeide: Hier is het vuur en het hout, maar waar is het lam ten brandoffer? En Abraham zeide: God zal Zichzelf voorzien van een lam ten brandoffer, mijn zoon. Zo gingen die beiden tezamen.

Toen zij aan de plaats die God hem genoemd had, gekomen waren, bouwde Abraham daar een altaar, schikte het hout, bond zijn zoon Isaäk en legde hem op het altaar boven op het hout. Daarop strekte Abraham zijn hand uit en nam het mes om zijn zoon te slachten. Maar de Engel des HEREN riep tot hem van de hemel en zeide: Abraham, Abraham! En hij zeide: Hier ben ik. En Hij zeide: Strek uw hand niet uit naar de jongen en doe hem niets, want nu weet Ik, dat gij godvrezend zijt, en uw zoon, uw enige, Mij niet hebt onthouden. Toen sloeg Abraham zijn ogen op en daar zag hij een ram achter zich, met zijn horens verward in het struikgewas. En Abraham ging en nam de ram en offerde hem ten brandoffer in plaats van zijn zoon. En Abraham noemde die plaats: De HERE zal er in voorzien; waarom nog heden gezegd wordt: Op de berg des HEREN zal er in voorzien worden. Toen riep de Engel des HEREN ten tweeden male van de hemel tot Abraham en zeide: Ik zweer bij Mijzelf, luidt het woord des HEREN; omdat gij dit gedaan hebt, en uw zoon, uw enige, Mij niet onthouden hebt, zal Ik u rijkelijk zegenen, en uw nageslacht zeer talrijk maken, als de sterren des hemels en als het zand aan de oever der zee, en uw nageslacht zal de poort zijner vijanden in bezit nemen. En met uw nageslacht zullen alle volken der aarde gezegend worden, omdat gij naar Mijn stem gehoord hebt.

Lezing uit het boek der Spreuken (17:17-18:5)

Een vriend heeft te allen tijde lief,
maar een broeder wordt voor de nood geboren.
Een verstandeloos mens is hij, die handslag geeft,
die zich borg stelt voor zijn naaste.
Wie twist liefheeft, heeft overtreding lief;
wie een grote mond heeft, zoekt verderf.
De verkeerde van hart vindt geen geluk,
de valse van tong valt in het ongeluk.
Wie een zot verwekt, die wordt het tot kwelling,
de vader van een dwaas zal zich niet verheugen.
Een vrolijk hart bevordert de genezing,
maar een verslagen geest doet het gebeente verdorren.
De goddeloze neemt een geschenk uit de buidel aan,
om de paden van het recht te buigen.
De verstandige heeft de wijsheid voor ogen,
maar de ogen van een dwaas dwalen tot het einde der aarde.
Een dwaas zoon is zijn vader een ergernis.
en een verdriet voor wie hem baarde.
Een rechtvaardige te beboeten is reeds verkeerd,
onbehoorlijk is het een edele te slaan.
De verstandige houdt zijn woorden in,
de man van inzicht is bezonnen.
Zelfs een dwaas die zwijgt, gaat door voor wijs;
als hij zijn lippen gesloten houdt, voor verstandig.
De eenzelvige zoekt zijn eigen begeerte,
hij barst los tegen al wat verstandig is.
Een dwaas schept geen behagen in inzicht,
maar hierin, dat zijn hart zich bloot geeft.
Waar de goddeloze komt, komt ook verachting,
en met schande komt smaad.
De woorden van iemands mond zijn diepe wateren,
een bruisende beek, een bron van wijsheid.
Het is verkeerd de goddeloze voor te trekken
en de rechtvaardige in het gericht weg te duwen.



Index - 5e woensdag - 6e woensdag - Terug naar beginpagina - Stuur ons mail


Orthodoxe Parochie van de H.H. Eersttronende Apostelen Petrus en Paulus   |   2 maart 2004 (H.Theodotos, bisschop van Kyrenia)